Cairngorms National Park: wandelingen, rendieren en de mooiste plekken
Aberdeen is een Schotse stad waar streetart, industrie en strand samenkomen. En dat op ongeveer anderhalf uur vliegen van Amsterdam. Met ruim 200.000 inwoners is het de derde stad van Schotland, maar toch hebben nog maar weinig toeristen ervan gehoord. Anders dan in Edinburgh ben je hier een van de weinigen op straat. En het mooiste: binnen een uur rijden liggen kliffen, kasteelruïnes en de bergen van de Cairngorms. In dit artikel vertellen we wat je in Aberdeen doet en hoe je de stad combineert met een roadtrip van vier dagen door Aberdeenshire.
→ Aanrader: Plan je Schotland roadtrip via Scotland NomadsDeze link opent in een nieuw tabblad
→ Hotel tip: Ardoe HouseDeze link opent in een nieuw tabblad
In Aberdeen zijn olie en gas altijd bepalend geweest. Toen in de jaren zeventig grote aardolie- en aardgasreserves op de bodem van de Noordzee werden gevonden, ging het snel. Aberdeen ontpopte zich tot de oliehoofdstad van Europa en de stad teerde decennialang op die winning uit zee. Naar schatting heeft dat ruim een half miljoen banen opgeleverd.
Nu de gas- en oliewinning terugloopt, moet de regio het anders gaan doen. Daarom zijn er festivals die de stad met streetart versieren, verschijnen er kunstwerken in het centrum en worden toeristen met open armen ontvangen. Als bezoeker heb je weinig met dat olieverleden te maken, maar het bepaalt wel hoe de stad eruitziet. De haven met grote schepen, olietanks in de verte, het oude vissersdorp Footdee en die industriële sfeer die overal doorschemert: Aberdeen heeft een rauw randje. Houd je van uitersten en van steden die niet gladgestreken zijn, dan zit je hier goed.

Voor de stad zelf heb je aan één dag genoeg. Alles ligt op loopafstand, behalve Torry Bay. Dit zijn onze favorieten.
Naast oliehoofdstad wordt Aberdeen ook wel de Granite City genoemd, vanwege de vele grijze granieten gebouwen. Marischal College zet daarin de toon. De universiteit heeft meer weg van een kasteel, zeker wanneer je het binnenplein op loopt en de kloktoren van dichtbij bekijkt. Bij zonlicht glinstert het graniet, wat het gebouw een zilverachtige gloed geeft.

Wanneer je door de straten van Aberdeen wandelt, kom je vanzelf de kunstwerken van Nuart tegen. Het festival vindt periodiek plaats, maar de stad plukt er het hele jaar door de vruchten van. Tijdens het festival maken kunstenaars verspreid over de stad nieuwe streetart: van klein tot metershoog, van verf tot recyclekunst. De combinatie van typisch Schotse granieten gevels en felle kunst levert een bijzonder gezicht op. Sommige werken kun je niet missen, naar andere moet je echt op zoek.
De felgekleurde eenhoorn is van kunstenaar Bordalo II. Het werk heeft een boodschap en haakt in op het groeiende probleem van plastic en verspilling. In het begin heb je niet eens door dat je naar afval staat te kijken.
Wil je meer weten over de kunstwerken? In het zomerseizoen worden er wandeltours gegeven die starten bij hotel Carmelite. Loop je liever zelf, dan staat op de site van Nuart een overzicht van alle locaties. In veel cafés en bij Carmelite liggen ook papieren plattegronden.


Aan de pier reis je terug in de tijd. Hier ligt het oude vissersdorp Footdee, door de locals Fittie genoemd. De kleine huisjes staan in strakke rijen rond binnenpleintjes, met de voordeuren naar binnen gericht als bescherming tegen de wind vanaf zee. Veel huisjes zijn versierd met bloemen en planten, andere pakken groter uit met kerstverlichting en visserselementen. Een fotogenieke wijk, die overigens gewoon nog bewoond is. Loop er dus rustig rond en respecteer de privacy van de bewoners.

Schotland en strand klinkt als een rare combinatie, maar Aberdeen heeft een lange zandstrook pal naast het centrum. Sluit je stadswandeling af in Footdee, want daar komt het strand op uit. Neem een jas mee, want de wind vanaf de Noordzee is bijna altijd aanwezig. Precies wat je wil na een dag door de stad lopen.

Op het binnenplein van Marischal College staat een felgekleurde dolfijn. Die staat symbool voor de tuimelaars die voor de kust van Aberdeen zwemmen. Vanaf Torry Bay, met uitzicht over de haveningang, zie je ze met een beetje geluk voorbijkomen. Wij hadden in april pech, want door een groot bouwproject waren ze tijdelijk verdwenen. Vraag dus even na bij locals of ze er weer zitten, want Torry ligt net buiten het centrum.
Ondertussen kun je in het centrum op zoek naar nog meer gekleurde dolfijnen. Er staan er zo’n vijftien door de stad verspreid.
→ Wil je gegarandeerd dolfijnen zien? Rij dan door naar Chanonry Point bij Inverness, een van de beste plekken van Europa om ze vanaf het land te spotten. Meer daarover in ons artikel over de mooiste natuur van Schotland.

Aberdeen is een perfect start- en eindpunt voor een lang weekend roadtrippen. Binnen een uur rijden zit je bij de kliffen aan de oostkust, en na anderhalf uur sta je tussen de bergen van Cairngorms National Park. Stad, zee én hooglanden in vier dagen: weinig bestemmingen bieden dat.

Vanaf Schiphol vlieg je rechtstreeks naar Aberdeen. Reserveer je huurauto vooraf en zorg dat je hem op de luchthaven ophaalt. Dat scheelt veel geregel en zorgt ervoor dat je een halfuur na de landing al onderweg bent. Het links rijden is even wennen, zeker op de rotondes, maar daarna duik je zo Aberdeenshire in.
→ Wij boeken onze huurauto via SunnyCarsDeze link opent in een nieuw tabblad, met alles inclusief zodat je bij de balie niet alsnog voor extra verzekeringen komt te staan

Stonehaven Harbour is een schattig klein haventje op ongeveer een half uur rijden van de luchthaven. Onderweg passeer je de ring van Aberdeen en een paar kleine dorpen, met grote grijze stenen huizen en uitgestrekt heuvellandschap. Precies het moment waarop je je realiseert dat je echt in Schotland bent.
Veel te doen is er niet, maar de schattigheidsfactor is groot. Afhankelijk van het getij zie je de bootjes dobberen of droogliggen op het zand. Trek een uurtje uit, drink koffie aan de kade en rij dan door.
→ Nog een reden om te stoppen: Stonehaven is de plek waar de deep fried Mars bar zou zijn uitgevonden. Bij de lokale chippy kun je er eentje proberen. Precies één keer, verwachten we.
Op de rand van de kliffen, uitkijkend over zee, liggen de ruïnes van Dunnottar Castle. Vanuit Stonehaven ben je er in vijf minuten met de auto, maar mooier is de klifwandeling van ongeveer een half uur vanaf de haven. De overblijfselen lijken zo uit een sprookje te komen.
Het kasteel kent een rijke geschiedenis waarin geweld en strijd centraal staan. Vikingen vielen het in de negende eeuw aan en Engelsen en Schotten hebben er eeuwenlang om gevochten. Tijdens je bezoek loop je door oude keukens, gevangenissen, torens en uitkijkposten, terwijl je ondertussen van het landschap geniet.
Op de steile kliffen rond het kasteel nestelen veel zeevogels. Tussen ongeveer april en juli zitten hier ook papegaaiduikers, ook wel puffins genoemd. Die kleine vogels met hun zwart-witte verenkleed en felgekleurde snavel hebben iets weg van pinguïns. En naar het schijnt kun je vanaf Dunnottar met geluk ook dolfijnen en soms zelfs walvissen in zee zien. Tijdens ons bezoek hielden zij zich verborgen.
Heeft het geregend of is er slecht weer voorspeld? Grote kans dat je een modderpoel aantreft. Het overgrote deel van het kasteel is niet overdekt, dus neem regenkleding mee. Onze paklijst voor Schotland helpt je op weg.

Altijd al in een kasteel willen slapen? In Schotland is de keuze reuze. Wij sliepen in Ardoe House, een landhuis uit de negentiende eeuw op een kwartier rijden van Aberdeen. Er is een bar en restaurant, je kunt rondom het huis door tien hectare tuin en grasland wandelen en er hoort een spa met sauna bij. Ideaal om te combineren met een dag in de stad.
→ Bekijk de beschikbaarheid van Ardoe House op Booking.comDeze link opent in een nieuw tabblad

Halverwege je roadtrip ruil je de kust in voor de stad. Bekijk de kunstwerken van Nuart, wandel door Footdee en waai uit op het strand. Alle tips staan hierboven in dit artikel.
In Cairngorms National Park verruil je stad en kliffen voor heuvels en bergen. In dit enorme nationale park vind je watervallen, oude dennenbossen, meren en kleine dorpjes. Ballater is zo’n aandoenlijk plaatsje. Wij waren verrast door de fanatieke outdoorliefhebbers daar: tijdens onze lunch bij The Bothy (aanrader, heerlijke broodjes) zaten we tussen uitgedoste mountainbikers en hikers, en waren onze sneakers met spijkerbroek nogal aan de zuinige kant.
Wij bezochten Loch Muick, een uitgestrekt meer omringd door bergen, op ongeveer een half uur rijden vanaf Ballater. In een uur of drie liepen we het hele meer rond, door bossen en over steile paadjes. Een heerlijke wandeling en een goede afsluiter van een vierdaags weekend in Aberdeenshire.
→ Meer over dit gebied lees je in ons artikel over Cairngorms National Park en onze route door de onbekende hooglanden van Schotland

Handige info om je roadtrip te plannen:
Voor de stad alleen is één volle dag genoeg. Wil je ook de kust en de Cairngorms zien, reken dan op vier dagen. Heb je een week, dan kun je vanuit Aberdeen doorrijden naar Inverness en de noordkust, of zuidwaarts richting de Fife-kust.
Mei tot en met september is het fijnst, met de langste dagen in juni. Wil je papegaaiduikers zien bij Dunnottar, kom dan tussen mei en juli. In de Cairngorms is oktober prachtig vanwege de herfstkleuren, en in de winter ligt er sneeuw. Ook dan is het gebied de moeite waard, zoals je leest in ons artikel over Schotland in de winter.
Een waterdichte jas, laagjes en schoenen met grip. Ook in juli kan het aan de oostkust flink waaien en tien graden zijn. Voor de wandelingen in de Cairngorms zijn wandelschoenen echt aan te raden.
Nog wat antwoorden op vragen die wij vaak kregen over Aberdeen:
Ja, zeker als je van steden houdt met een rauw randje. Aberdeen combineert granieten architectuur, streetart, een oud vissersdorp en een stadsstrand, en er lopen veel minder toeristen dan in Edinburgh. Bovendien is het een ideale uitvalsbasis voor de kliffen van Aberdeenshire en Cairngorms National Park.
Voor de stad zelf is één dag voldoende. Wil je ook Dunnottar Castle, Stonehaven en de Cairngorms zien, dan heb je vier dagen nodig.
Vanaf Schiphol vlieg je in ongeveer anderhalf uur rechtstreeks naar Aberdeen. Huur je auto direct op de luchthaven, want voor de omgeving is openbaar vervoer beperkt.
Dunnottar Castle bij Stonehaven is het bekendste en indrukwekkendste kasteel in de regio. De ruïne ligt op een rots in zee en is vanuit Aberdeen in ongeveer drie kwartier te bereiken.
Ja, voor de kust van Aberdeen zwemmen tuimelaars. Torry Bay is de bekendste uitkijkplek, al zijn de dolfijnen niet altijd aanwezig. De beste plek van Schotland om ze vanaf het land te zien is Chanonry Point bij Inverness.
Ik ben Iris, een outdoor liefhebber. Hoewel een dagje uitrusten op een zonnig strand natuurlijk ook niet verkeerd is, kom ik écht tot rust tijdens een hike in de natuur. Hoe onherbergzamer, hoe beter. Ik vermoed dat de 'verplichte' huttentochten van vroeger als kind hier iets mee te maken hebben... Inmiddels erken ik volmondig: mijn reis is niet compleet zonder bezoek aan de bergen. Als freelance communicatieadviseur en tekstschrijver deel ik mijn avonturen over ongerepte bestemmingen op We Are Travellers.
Taal Engels
Valuta Britse pond
Hoofdstad Londen
Vliegtijd 01:30