Chiang Mai: dit wil je zien en doen in het noorden van Thailand
De meeste reizigers kennen Kanchanaburi van één foto, de houten brug over de River Kwai. En het klopt dat de geschiedenis hier overal aanwezig is. Wij liepen over de brug en stonden even helemaal stil, want de cijfers achter die spoorlijn krijg je niet meer uit je hoofd. Maar Kanchanaburi is niet alleen een openluchtmuseum en les in de geschiedenis. Rondom de stad liggen waanzinnige mooie tempels in grotten, kilometerslange watervallen en een jungle waar je een hele dag vlinders en vogels wilt spotten. Benieuwd wat te doen in Kanchanaburi? We vertellen je hieronder precies wat een goede planning is, welke heftige historische highlights je echt moet zien én waar je de mooiste natuur vindt. Er zijn namelijk meerdere watervallen die je niet wilt missen!
→ Tip: Wij sliepen in Kanchanaburi bij VN GuesthouseDeze link opent in een nieuw tabblad
→ Musthave: Ons boek Verliefd op Azië
Kanchanaburi ligt op ongeveer 150 kilometer ten westen van Bangkok en is daarmee een van de makkelijkste uitstapjes vanuit de hoofdstad. Er zijn eigenlijk twee redenen om naar dit stuk Thailand af te reizen. Dat is de heftige geschiedenis en de imponerende natuur. ‘s Ochtends sta je bij een oorlogsbegraafplaats waar bijna 1.900 Nederlanders begraven liggen, ‘s middags zwem je in een turquoise poel midden in de jungle. Voor Nederlandse reizigers is deze plek extra beladen. Duizenden Nederlanders werkten hier als krijgsgevangene aan de Birma-spoorlijn en heel veel van hen kwamen niet terug. Dat maakt een bezoek aan Kanchanaburi voor veel mensen ook een persoonlijke reis.
Om te begrijpen wat je in Kanchanaburi ziet, helpt het om het verhaal te kennen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog hielden de Japanners, toen bondgenoot van nazi-Duitsland, hier geallieerde krijgsgevangenen vast. Zij moesten onder gruwelijke omstandigheden de Birma-spoorlijn aanleggen, een verbinding tussen Thailand en het huidige Myanmar.
De aanleg zou normaal zo’n vijf jaar duren. Door dag en nacht door te werken met zowel krijgsgevangenen als grote aantallen Aziatische dwangarbeiders werd de 415 kilometer lange spoorlijn in zestien maanden voltooid. Er was nauwelijks eten en vrijwel geen medische zorg, terwijl er lange dagen werd gewerkt in de hitte en de vochtige jungle. Bij de aanleg kwamen 99.044 mensen om door uitputting en ziekte. Onder hen 2.898 Nederlanders.
Die geschiedenis kom je op verschillende plekken in en rondom de stad tegen. De brug, de Hellfire Pass, de musea en de begraafplaatsen vertellen samen het complete verhaal. Wil je de geschiedenis van deze plek echt begrijpen, bezoek dan eerst het museum voor de context en daarna de plekken zelf. Dan begrijp je wat beter wat elke plek betekent.

Hieronder vind je de leukste activiteiten en mooiste bezienswaardigheden in Kanchanaburi:
De beroemdste plek van Kanchanaburi. Over deze brug liep de Birma-spoorlijn, die ook wel de dodenspoorlijn wordt genoemd. De eerste versie was van hout en werd gebouwd door krijgsgevangenen onder toezicht van het Japanse leger. Tijdens de oorlog was de spoorlijn de bevoorradingsroute tussen Thailand en Myanmar en inmiddels is de brug het symbool van het hele project geworden. Je kunt er zelf overheen wandelen. Wij deden dat vroeg in de ochtend, toen er nog nauwelijks mensen waren. Bleek een top keuze, want later op de dag werd het er behoorlijk druk.
Een mooie manier om de brug van een heel andere kant te zien is vanaf het water. Je kunt in Kanchanaburi een privé longtailboot huren voor een tocht over de River KwaiDeze link opent in een nieuw tabblad. Je vaart dan onder de brug door en langs de oevers met de drijvende hotels. Vooral aan het einde van de middag, als het licht laag staat, is dat een van de mooiste momenten van je bezoek.
→ Tip: Wil je je voorbereiden of meer te weten komen over deze plek? Kijk dan vooraf de film “The Bridge on the River Kwai”. Die won zeven Oscars en geeft je een goed beeld van wat zich hier heeft afgespeeld, ook al is het verhaal deels gefictionaliseerd.

Naast over de brug lopen kun je ook een stuk van de spoorlijn zelf rijden. De trein vertrekt drie keer per dag vanaf het station en doet er ongeveer twee uur over naar het eindstation Nam Tok. Onderweg rijd je over houten viaducten langs de rotswand met uitzicht over de rivier. Het is een van de meest unieke treinreizen die je in Thailand kan maken.
→ Tip: Bij Nam Tok kun je meteen door naar de Sai Yok Noi waterval, dit zit namelijk op loopafstand van het station. Houd wel de retourtijden in de gaten, want je wilt de laatste trein terug niet missen.

De Hellfire Pass is het dodelijkste stuk van de hele spoorlijn. Hier moesten de gevangenen met de hand een doorgang door de rots hakken, vaak bij nacht en bij fakkellicht. Je loopt hier met een Nederlandstalige audiotour die je stap voor stap door het verhaal meeneemt. Trek er ruim de tijd voor uit, want het is behoorlijk indrukwekkend en je wilt er niet doorheen rennen. De Hellfire Pass ligt ongeveer een uur rijden van Kanchanaburi. Je komt er met de scooter of met een taxi. Ook met de trein is het mogelijk, maar check dan vooraf de dienstregeling, want er rijden er maar een paar per dag. Wij vonden het zelf wel echt een heftige plek om te bezoeken, maar je leert wel echt veel over de pijnlijke geschiedenis van deze plek.

Dit museum vertelt aan de hand van foto’s, voorwerpen, kaarten en persoonlijke verhalen hoe de spoorlijn werd gebouwd en hoe de gevangenen en arbeiders leefden. Begin hier als je nog weinig over de Death Railway weet, want alles wat je daarna bezoekt krijgt er een laag bij en je snapt deze plek en de historie een stuk beter. Het museum ligt pal tegenover de Kanchanaburi War Cemetery, dus die twee combineer je makkelijk in een ochtend.
In het JEATH War Museum, opgezet in nagebouwde bamboehutten zoals de gevangenen die gebruikten, krijg je een indringend beeld van de leefomstandigheden. Hier zaten 68.000 gevangenen, waarvan er 28.000 van Nederlandse afkomst waren. Super bizar om te bedenken dat hier jonge jongens in die tijd hier naartoe werden gestuurd om te werken. Omdat er zo’n link is met thuis, maakt dat het bezoek voor ons wel extra beladen. Wil je nog meer weten? Vlakbij ligt ook het World War II Museum, het voelt hier wat rommeliger maar je vindt er een grote verzameling voorwerpen en foto’s uit de oorlogsjaren.

Midden in de stad ligt de bekendste oorlogsbegraafplaats van de regio. Hier liggen ongeveer 7.000 slachtoffers begraven, waaronder bijna 1.900 Nederlanders. De begraafplaats wordt tot in de puntjes onderhouden en is gratis te bezoeken. Neem even de tijd om langs de namen te lopen, want dan pas dringen de aantallen echt door.

Deze tempel net buiten Kanchanaburi is van ver te herkennen aan het enorme gouden Boeddhabeeld. Je beklimt een flinke trap naar boven en wordt beloond met uitzicht over rijstvelden, groen en de bergen rondom de stad. Ook het complex zelf is de moeite waard om rond te lopen, naast de grote tempel spot je hier ook een mooie toren en andere kleine gebouwtjes die met de mooiste details zijn versierd.
→ Let op: dit is niet de beruchte Tiger Temple, ook al lijken de namen op elkaar. Die andere tempel had op haar hoogtepunt meer dan honderdveertig tijgers en welpen en was jarenlang een toeristische trekpleister waar je tegen betaling met een tijger op de foto kon. De tempel lag al langer onder vuur omdat de dieren naar alle waarschijnlijkheid mishandeld en gedrogeerd werden. Ze is inmiddels gesloten en dat is maar goed ook, want een selfie met een gedrogeerde tijger is nooit cool. Kom je onderweg alsnog aanbiedingen tegen voor een tijgerbezoek, sla die dan over.

Ook het bezoeken waard is de Dragon Head Cave Temple, ook bekend als Wat Ban Tham. Je klimt hier een lange trap op en loopt vervolgens via de bek van een enorme draak een grot binnen. Klinkt surrealistisch he, maar dit bestaat gewoon echt. Eenmaal binnen staat een grote gouden Boeddha op je te wachten, wat ook een behoorlijk magisch gezicht is.
De tempel ligt tegen een bergwand en bovenop vind je nog een tweede tempel, met een prachtig uitzicht over de River Kwai. Kleine tip, ga niet op het heetst van de dag, trek makkelijke kleding aan en neem genoeg water mee want de klim naar boven kan als het warm is wel uitdagend aanvoelen.
De bekendste natuurplek van de regio ligt op ongeveer een uur rijden van de stad. In Erawan National Park daalt de waterval af over zeven niveaus, waarbij je via een wandelpad steeds verder omhoog klimt langs poelen met helder blauwgroen water. Op meerdere plekken kun je zwemmen en bij een paar niveaus kun je zelfs van de rotsen af glijden. Tot niveau vier is het goed te doen met kinderen, daarboven wordt het avontuurlijker.
Het park is open van 8.00 tot 16.30 uur. Trek een hele dag uit als je alle niveaus wilt zien en een kleine waarschuwing uit eigen ervaring: check het weer vooraf. Wij kwamen er na een periode met veel regen en toen was het water bruin in plaats van helder. Ook was een deel van de niveaus afgesloten. Dan is je ervaring toch net wat minder. Het had overigens niet echt uitgemaakt of we een dag of twee later waren gegaan, maar als we het vooraf geweten hadden dat dit ook kon gebeuren dan waren we wel iets minder teleurgesteld geweest.
Zonder eigen vervoer is dit een lastige plek om te bereiken. Er gaat wel een lokale bus, maar die rijdt onregelmatig en je bent een groot deel van de dag kwijt aan heen en weer. Een tour in kleine groep vanuit BangkokDeze link opent in een nieuw tabblad combineert de watervallen met een aantal historische plekken en scheelt je een hoop uitzoekwerk.
→ Handig: Alle praktische informatie, de route langs de niveaus en onze tips voor het zwemmen lees je in ons uitgebreide artikel over de Erawan-watervallen in Thailand.

Deze watervallen worden niet voor niets de geheime watervallen van Kanchanaburi genoemd. Een bezoek voelt alsof je een sprookje binnenwandelt, je ziet vlinders dansen langs de wortels van jungleplanten, kleurrijke torretjes en overal lijken vogels te fladderen die je in het ochtendlicht toezingen. Het water is zo helder en zo blauw dat je het amper gelooft. Het is echt een magisch plekje.
Huay Mae Khamin is eigenlijk geen enkele waterval, maar een kilometerslange rivier die afdaalt over zeven niveaus. Het zijn stuk voor stuk natuurlijke zwembaden die vragen om een frisse duik. Hebben wij dus ook maar meteen gedaan! En over die niveaus, we hebben eigenlijk veel meer dan zeven niveaus geteld, er zijn ook veel kleinere stukjes en die zien er eigenlijk ook gewoon uit als een plateautje.
Langs, over en naast de rivier loopt een avontuurlijk junglepad van in totaal zo’n twee kilometer. Het pad is goed onderhouden (verdwalen kan hier dus eigenlijk niet) met houten traptreden en bordjes die je de weg wijzen. Ieder niveau wordt ook duidelijk aangegeven, al zitten daartussen dus ook mooiere kleinere niveaus.
Niveau vier is de indrukwekkendste en meteen de allergrootste plateau met water. Dit stuk is ook de eerste die je tegenkomt vanaf het startpunt. Vanaf dat punt heb je een keuze, of je gaat linksaf naar niveau vijf, zes en zeven, of rechtsaf naar niveau één, twee en drie. Volg je de bordjes naar beneden richting één, twee en drie, dan daal je via een houten trap af naar wat ons betreft het mooiste deel van het park. Daar liggen poeltjes waar je heerlijk kunt badderen in helderblauw water.
De paden zijn goed te doen en de poeltjes zijn ondiep en niet glad. Daardoor kunnen kinderen en mensen die wat minder goed ter been zijn dit deel van de watervallen ook prima bezoeken. Het is bovendien de plek waar je de mooiste foto’s maakt, met doorkijkjes door de jungle en bruggetjes die over het water lopen.
→ Tip: Huay Mae Khamin ligt een stuk verder van Kanchanaburi dan Erawan, wat meteen verklaart waarom het er zoveel rustiger is. Reken op een halve tot hele dag reizen heen en terug. Zonder eigen vervoer is het lastig te bereiken, dus regel een taxi voor de dag of boek een georganiseerde tour. Ohja en neem ook zeker wat te eten en drinken mee, want de voorzieningen zijn hier maar beperkt.
Elke avond van de week vind je in Kanchanaburi een night market. Je shopt er kleding en souvenirs, maar het draait vooral om de eetkraampjes, waar je voor bijna niets echt heel lekker eet. Neem cash mee.
Kanchanaburi ligt ongeveer 150 kilometer ten westen van Bangkok en is op meerdere manieren bereikbaar.
De leukste manier om in Kanchanaburi te komen is door de trein vanaf station Thonburi te nemen, deze treinrit is al een hele belevenis. Een kaartje is spotgoedkoop en er vertrekken twee treinen per dag, eentje gaat in de ochtend en een in de vroege middag. Je bent vervolgens ongeveer drie uur onderweg, neem dus wat snacks mee en wat leuks om te doen. Maar geniet ook gewoon maximaal van het landschap dat naast je voorbij glijdt. Zitten de treinen vol of komen de tijden slecht uit, neem dan een minivan. Die rijden iedere dertig minuten, doen er ook ongeveer drie uur over en zetten je vaak bij direct bij je hotel af.
Ook vanuit Ayutthaya gaan er minivans naar Kanchanaburi. Die halen je op bij je hotel en brengen je naar je verblijf op de eindbestemming. Reken ook hier op zo’n drie uur.
→ Tip: Reis je graag tussen de locals, dan is er nog de lokale bus. Die doet er langer over, maar het is wel een ervaring op zich. Hebben wij zelf niet gedaan, maar we hebben er wel grappige verhalen over gehoord van andere reizigers.

Slapen op het water is typisch Kanchanaburi en wat ons betreft ook echt een aanrader. Ons eigen VN GuesthouseDeze link opent in een nieuw tabblad was allesbehalve luxe, maar ‘s ochtends wakker worden met de mist boven de rivier vergeet je niet snel. Voor die prijs krijg je nergens anders zo’n uitzicht. Liever toch wat luxer overnachten? Check dan het hippe Por poshtel KanchanaburiDeze link opent in een nieuw tabblad, nog steeds giga betaalbaar, maar je krijgt hier wel iets meer comfort voor je geld.
Grofweg heb je twee opties. In of vlak bij het centrum zit je dicht bij de brug, de musea en de night market, wat handig is als je zonder eigen vervoer reist. Langs de River Kwai even buiten de stad vind je rustigere resorts en drijvende hotels, midden in het groen. Daar heb je wel vervoer nodig.
→ Handig: Meer leuke accommodaties vind je op onze pagina met de leukste hotels in Thailand.
Tot slot nog wat vragen die wij vaak kregen over Kanchanaburi:
Wij zouden minimaal twee tot drie dagen uittrekken. In twee dagen doe je de belangrijkste historische plekken in en rondom de stad en maak je een rit met de Death Railway. Wil je ook naar de Erawan-watervallen, de Hellfire Pass en een paar tempels, dan zijn drie dagen of meer prettiger.
Het kan, want je bent er in een paar uur. Maar wij zouden het niet aanraden. Met een dagtrip zie je hooguit de brug en misschien één museum, maar eigenlijk mis je dan net de plekken die Kanchanaburi bijzonder maken. Blijf liever één of twee nachten, wij sliepen zelf in VN GuesthouseDeze link opent in een nieuw tabblad wat een prima optie was.
In het centrum kom je te voet of met een taxi prima rond. De rest ligt verder weg. Je kunt een scooter huren, een taxi of songthaew regelen of een georganiseerde tour boeken. Vooral voor de Erawan-watervallen en de Hellfire Pass moet je serieus rekening houden met reistijd, dus plan die niet op dezelfde dag.
November tot en met februari is de fijnste periode: droger en aangenamer van temperatuur. Maart tot en met mei kan het hier snikheet worden. Tijdens het regenseizoen is de omgeving juist prachtig groen en zijn de watervallen indrukwekkender, maar er valt veel regen. Zoals wij zelf bij Erawan merkten, kan zware regenval het water troebel maken en delen van het park tijdelijk ontoegankelijk.
Grote kans dat je vanuit Bangkok kwam, dus daar kun je weer naartoe gaan, maar je kan ook verder naar het noorden doorreizen naar Ayutthaya. Daar vind je waanzinnig mooie tempels en ruïnes waar je met de fiets naartoe kan rijden. Daarna kun je nog een stuk noordelijker gaan en bijvoorbeeld Chiang Mai en Pai bezoeken. Wil je juist naar het zuiden? Dan liggen daar natuurlijk deze populaire eilanden op je te wachten: Koh Samui, Koh Phangan en Koh Tao. Wil je na Kanchanaburi juist nog meer jungle vibes, ga dan naar Khao Sok National Park waar je op drijvende hutjes in het water kunt logeren.
Hi, ik ben Manon! Als digital nomad reis ik de wereld rond. Het was altijd al mijn droom geweest om wereld te ontdekken en na stage in Australië kon niet meer zonder avontuur. Ik heb meerdere lange reizen gemaakt, vooral in Azië, en ontdek nu Midden- en Zuid-Amerika. Het liefst kom ik op authentieke plekjes buiten de standaard reisroutes. Fotografie is mijn grote passie en ik deel graag verhalen en beelden van bijzondere plekken om anderen te inspireren hun eigen avonturen te beleven.
Beste reistijd Nov t/m maart
Vliegtijd 11:15
Hoofdstad Bangkok
Taal Thais